woensdag 7 december 2011

Uilenfoto

Sinds ongeveer een jaar ben ik intensief bezig met vogelfotografie. Wat je er ook van vindt: het is in ieder geval moeilijk. Vogels werken niet mee, zijn schuw, klein, beweeglijk en gaan het liefst achter een takje zitten wat een mooie foto onmogelijk maakt. Maar dit alles maakt de uitdaging groter om er toch af en toe eentje te verschalken op aansprekende wijze. Ik heb wel eens spijt dat ik niet aan naaktfotografie ben gaan doen, maar waar haal je de modellen vandaan :-)

Alleen maar mussen, koolmezen en merels gaat natuurlijk vervelen, dus al snel ging ik op zoek naar meer soorten. Ook kwam er een vogelboekje, heel attent van Sinterklaas vorig jaar. In deze hobby kun je grofweg 3 soorten mensen tegenkomen:
  1. Twitchers. Hier is geen goed Nederlands woord voor, maar ze worden vaak als soortenjagers aangemerkt. Deze groep is het te doen om het zien van zoveel mogelijk soorten, hoe zeldzamer de soort hoe liever. Deze groep gaat hier soms heel ver in en rijdt stad en land af om ook die ene soort aan het lijstje toe te kunnen voegen. Letterlijk, want alle twitchers houden een lijst bij met alles wat ze gezien hebben. En waar, hoeveel, waargenomen gedrag, kleed, datum,  tijd, enzovoort. Belangrijkste is de zogenaamde lifelist: een levenslijst dus. Verstoring van de natuur: sommigen wel, de meesten niet.
  2. Vogelaars: willen zoveel mogelijk vogels zien. Lopen vaak met een telescoop door het veld. Willen de natuur niet verstoren en genieten vooral van de natuur. Sommigen hebben een fototoestel, maar dit is secundair. Veel vogelaars houden ook een lifelist bij.
  3. Tenslotte: vogelfotografen, homo sapiens aves fotograficus. Deze groep wil vogels zo mooi mogelijk vastleggen op de gevoelige plaat. Liever een hele mooie foto van een mus, dan een slechte van een slechtvalk. Nog liever natuurlijk een mooie foto van een slechtvalk (of andere bijzondere soort) en het allerliefst een spectaculaire, ragscherpe, onderscheidende foto van iets bijzonders. Een stel vechtende roofvogels doet het goed bijvoorbeeld. Fotografen hebben onder de andere 2 soorten de naam de natuur enorm te verstoren, álles te doen voor dat ene beeld. De meesten hebben echter respect voor de natuur.
Het zal duidelijk zijn dat bovenstaande indeling in de praktijk niet werkt. Er zijn allerlei tussensoorten. Ik deel mezelf in bij de vogelende fotografen, soort 2,75. Het ligt ook aan het moment of aan de gelegenheid. Als ik iets bijzonders tegenkom zal ik dat zeker proberen vast te leggen. 

Maar soms is er gewoon geen goed licht maar kriebelt het toch om er op uit te trekken. Goed startpunt is www.waarneming.nl waar je kunt zoeken naar recente interessante waarnemingen in de buurt.

Gisteren kreeg ik de tip dat er in de buurt een boom is met daarin 5 Ransuilen. Ik was meteen alert. Van alle vogelfamilies in Nederland heb ik ondertussen foto's, maar niet van uilen. En de meesten jagen 's nachts, waardoor ze overdag niet bewegen, wel zo makkelijk. Maar ook saai, er zijn verhalen bekend van fotografen die 6 uur vergeefs hebben gewacht tot de uil zijn ogen open zou doen. Maar goed, 5 stuks, niet te ver weg, dat klinkt veelbelovend. 

Probleem: het weer. Vandaag storm, windkracht 9 aan de kust, van tijd tot tijd harde regen en zwaarbewolkt. Dus weinig en moeilijk licht. Een paar dagen wachten dan maar? Vooruitzichten slecht dus vooruit. Voordat de vogels gevlogen zijn.

Ter plaatse aangekomen (over de verblijfplaats van uilen, de roest, wordt zeer geheimzinnig gedaan!) moest ik aan Dante's Inferno denken. De lokale plantsoenendienst was met groot materieel uitgerukt om 25 meter van de uilenboom een andere boom te rooien, met kettingzagen en al. En tot overmaat van ramp waren er twee mannen met bladblazers bezig en iemand met een bladzuiger: een omgebouwde vuilniswagen die de bladeren opzuigt. Bij elkaar een enorm kabaal, in de buurt van en midden onder de uilenboom. Tot mijn grote blijdschap bleken er toch nog uilen in de boom te zitten, 3 maar liefst, yes! Die kunnen erbij op de lijst als soort 161 in Nederland. Bijzaak, maar toch leuk. En dan fotograferen, want daar gaat deze blog over, ik ben het niet vergeten.

Dat was lastig. Erg lastig. Naast genoemde donkere omstandigheden en slecht licht, bleek dat de vogels richting de stam waren gekropen om iets meer beschutting te hebben. Daar is het natuurlijk nóg donkerder dan aan de buitenzijde van de boom. Ook zaten ze redelijk hoog waardoor ik door zeker 10 lagen takken heen moest kijken om een uil te zien zitten. Wat te doen? Zoeken naar een goede hoek waar ik zo weinig mogelijk last van takken voor de uil had.

Met een grootte van 36 cm besloot ik te proberen de converter erop te houden, dan kwam de uil beeldvullend in beeld. Hiermee lever ik wel lichtgevoeligheid in, maar ik wilde zoveel mogelijk detail. Dit betekent voor mij diafragma naar f/8 voor de nodige scherpte. Allemaal leuk en aardig, maar het was al zo donker! Ze bleken ook nog eens niet helemaal stil te zitten door de harde wind. Met name de veren bewogen veel. Goede nieuws: met dank aan de plantsoenendienst waren ze klaarwakker, ogen wijd open en ze hielden de omgeving goed in de gaten. Nog mooier: ze bleven zitten, ook toen de mannen met bladblazers recht onder de boom aan het werk waren.

Ik heb van alles geprobeerd: hoge ISO waarden (800), hele hoge ISO waarden (1600), allerlei hoeken, zelfs recht onder de boom naar boven toe. Maar het bleef moeilijk. Op acceptabele ISO waarden van 400 was de foto gewoon bewogen.


Dit vind ik jammer dat het niet gelukt is, het heeft een hoog Meneer-de-uilgehalte. Maar hij is bewogen en dat op ISO800 (1/100e seconde sluitertijd). Boven de ISO800 krijg ik veel last van ruis, maar beter scherp en onbewogen met ruis dan andersom.

Na een tussentijds regenbuitje (ook dát nog!) brak even de zon door. Niet veel, maar alle beetjes helpen. Dus weer een opening gezocht en herkansing:

ISO1000, sluitertijd van 1/200e seconde.
Ter plaatse had ik gezien dat er wel wat acceptabels tussen zat (blijf die display checken, histogram!) en bovendien ging het weer regenen. Ik denk dat ik slechts 20 minuten ter plaatse ben geweest. Dat leverde 80 foto's op waarvan 60 bewogen, takken ervoor en meer van die ellende. 

Dit is 'm uiteindelijk geworden. Van de goede is dit de beste. Geen perfecte foto, maar voor een eerste uil ben ik er blij mee en daar gaat het om. De vogelaar in mij is dik tevreden zelfs, de fotograaf wil nog een keer terug, bij beter licht, voor een betere foto.

Oh ja de tip:
Beter scherp met veel ruis, dan weinig ruis en bewogen.

Tot de volgende keer,

Robert van Brug

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen