Posts tonen met het label csc. Alle posts tonen
Posts tonen met het label csc. Alle posts tonen

zondag 18 oktober 2015

Smartphone, compactcamera, bridgecamera, systeemcamera, spiegelreflex en middenformaat camera

Begin 2012 heb ik een artikel geschreven over de diverse types camera die er toen in omloop waren, de verschillen daartussen en voor wie welk type camera volgens mij geschikt is.
Dit artikel wordt veel gelezen en ik krijg regelmatig reacties en vragen. Blijkbaar is dit iets waar veel mensen mee worstelen. Het loont daarom de moeite om het nu, oktober 2015 te herschrijven naar de huidige situatie, want er zijn een aantal zaken sterk gewijzigd in de tussentijd!

Ik onderscheid de volgende categorieën camera's:
  1. Smartphone
  2. Tablet
  3. Compactcamera
  4. Bridgecamera
  5. Compacte Systeemcamera (CSC)/Mirrorless
  6. Spiegelreflex (DSLR)
  7. Middenformaat camera
Ik zal deze soorten beoordelen op de volgende criteria:
  1. Prijs
  2. Kwaliteit: het gaat om beeldkwaliteit die de camera levert onder verschillende omstandigheden.
  3. Mogelijkheden: dit is de moeilijkste om te beoordelen. Het gaat om de mogelijkheid om van objectief te wisselen, om veel zaken op de camera in te stellen en om er accessoires bij te kopen.
  4. Formaat: hiermee bedoel ik de fysieke afmeting van een camerabody met lens, maar ook het gewicht.
Hieronder een tabel met scores van alle soorten camera's op alle 4 relevante onderdelen. Een hogere score is beter:
Cameratypes met scores op verschillende criteria

Smartphone:

De smartphone is nieuw in het overzicht, hoewel ik er al ooit een artikel aan geweid heb. De kosten voor een smartphone-camera zijn feitelijk nihil omdat het primaire deel de telefoon is. Het is wel zo dat meer en meer mensen foto's maken dankzij juist deze altijd bereikbare camera. En hoewel de sensorafmetingen erg klein zijn wordt de kwaliteit steeds beter, vooral in omstandigheden met voldoende licht. Er zijn inmiddels fabrikanten die wat meer instelmogelijkheden bieden en zelfs in raw fotograferen kan op beperkte schaal, bijvoorbeeld met de LG G4. De vraag is of de smartphonefotograaf daarop zit te wachten, maar de gevorderde fotograaf heeft ook een smartphone én Photoshop en die wordt er wel degelijk vrolijk van. Ook zijn er nu opzetlenzen verkrijgbaar om optisch te kunnen zoomen of juist meer in groothoek te kunnen werken.
Smartphone met additionele telelens voor 8x zoom

Tablet:

De tablet scoort gelijk aan de smartphone, maar is een stuk groter en zal daarom ook niet altijd onder handbereik zijn.

Compactcamera:

De compactcamera is een uitstervende soort, een markt die bijna geheel door de smartphone is overgenomen. En hoewel de camerasensor van een compactcamera groter is dan die van een smartphone, er ook modellen met behoorlijke kwaliteitslenzen zijn en er meer accessoires en dergelijke verkrijgbaar zijn zal dit marktsegment het in toenemende mate moeilijk krijgen.

Ik maak een uitzondering voor de compactcamera van hoge kwaliteit, met een wat grotere sensor en vaak een prime lens, zoals de Canon G15, Nikon Coolpix A en Sony RX 100. Deze modellen kunnen ook in raw werken, zijn lichtsterker, hebben een beter autofocus systeem, etc. Fatsoenlijke maar wel degelijk compacte camera's. Deze subcategorie is gewoonweg veel beter dan wat de smartphone camera's (tot nu toe) te bieden hebben en dat geeft ze bestaansrecht.
Canon G15
Op foto de Canon G15, met een lichtsterk objectief (f/1.8-2.8) over een beperkt zoombereik. Verkrijgbaar voor rond de 350€, waarvoor ook een goedkope DSLR te koop is, maar dit is een stuk compacter. Ideaal voor concerten waar een DSLR niet mag.

Bridgecamera:

De bridgecamera slaat een brug tussen de compactcamera en de spiegelreflex, vandaar de naam. Eigenlijk zijn het compactcamera's met een extreme zoomlens. De mogelijkheden zijn vaak behoorlijk uitgebreid, maar de sensor is vrij klein wat de kwaliteit nekt. Bovendien zijn de lenzen niet verwisselbaar. Met het enorme zoombereik van dit type camera is dat ook amper nodig, maar bijvoorbeeld een lichtsterke prime monteren behoort niet tot de mogelijkheden.
Typische bridgecamera met 60x optische zoom

Systeemcamera (CSC)/Mirrorless:

De (compacte) systeemcamera is hard in opkomst. Waar ik begin 2012 nog kon beweren dat de kwaliteit van een spiegelreflex beter is, geldt dat inmiddels niet meer. Zeker niet nu fabrikant Sony de 7R II en de 7S II heeft uitgebracht. Deze zijn voorzien van full frame sensoren van de laatste generatie en zoveel softwarematige gimmicks dat ze de DSLR's op veel punten voorbijstreven. Ik heb de Sony A7RII mogen proberen en ik was zeer onder de indruk.

Deze groep camera's bevat echter ook de Micro Four Thirds groep (Panasonic/Olympus), met een cropfactor van 2. Ook het Nikon1-platform (met een cropfactor van 2,7) valt hieronder.

De indeling dient verfijnd te worden. Al deze CSC's hebben verwisselbare lenzen en missen een spiegel voor de sensor, maar verder verschillen ze aanzienlijk. Belangrijkste onderscheid wordt veroorzaakt door de grootte van de sensor: als deze groter is is de kwaliteit hoger maar ook de prijs. De lenzen die dan gebruikt dienen te worden zijn ook groter, zwaarder en duurder.

Spiegelreflex (DSLR):

Good old DSLR. In 1934 ontwikkelde Kodak 35mm film, een standaard die we nu Full Frame noemen. Al bijna 100 jaar zijn camera's en de daarbij behorende lenzen geoptimaliseerd om een beeld van 24 bij 36mm te leveren, eerst (analoog) op een filmrolletje, later op een sensor (digitaal).
Bij de introductie van de eerste digitale spiegelreflexcamera's bleek het onbetaalbaar om de sensor zo groot te maken, dus is deze een aantal jaar kleiner gebleven. Vaak 1,5x (Nikon) of 1,6x (Canon), het zogenaamde APS-formaat.

Verschillende sensorformaten
Inmiddels is dat niet meer nodig en zijn Full Frame DSLR's populairder dan ooit. Zeker na de introductie van de D600 van Nikon en de 6D van Canon die het product betaalbaar maakten. Hiermee kan ook weer gebruik gemaakt worden van al bijna 100 jaar ontwikkeling op het gebied van objectieven.
De APS-sensor is ongeveer half zo groot als de Full Frame sensor en daarmee kan ook een objectief half zo zwaar gemaakt worden bij dezelfde brandpuntsafstand.

Middenformaat

Full Frame vinden we tegenwoordig heel wat, maar er bestaat ook nog groter, het zogenaamde Middenformaat.
Hasselblad H4D-40

Middenformaat wordt met name in fotostudio's gebruikt bij fashion shoots. Hier worden in extreme resoluties (60-200MP) op de twee-keer-zo-groot-als-Full-Frame-sensor opnames gemaakt die heel groot afgedrukt moeten worden, bijvoorbeeld op billboards. Door het enorme oppervlak van de sensor blijft deze kwaliteit voorlopig ongeëvenaard door de DSLR.
Omdat de sensor zoveel groter is moet echter de rest ook groter. Een vergelijkbare brandpuntsafstand op een middenformaatcamera zal twee keer zo groot/zwaar zijn. En omdat dit een beperkte markt is, zijn de prijzen torenhoog. Een dergelijke camera kost rond de 50.000€. Nu de DSLR's steeds hogere resoluties krijgen en dat steeds beter doen komt dit segment steeds verder onder druk.
Omdat deze systemen zo groot en zwaar zijn en er minder objectieven voor te krijgen zijn heb ik dit minder gescoord dan de DSLR op mogelijkheden.

In het analoge tijdperk waren er camera's met een nog veel groter filmoppervlak, het zogenaamde grootbeeld. In het digitale tijdperk is dit verdwenen.

Over een paar jaar ziet dit overzicht er ongetwijfeld weer anders uit. Ik verwacht dat de smartphones nog wel wat beter worden. De compactcamera komt steeds verder onder druk, maar dankzij de enorme zoom zal de bridgecamera nog wel even bestaan. Systeemcamera's zullen steeds belangrijker worden, ten koste van de DSLR. Middenformaat zal langzaam verdwijnen.

Hopelijk heb ik met dit geüpdatete overzicht wat meer duidelijkheid geschapen.
Bedankt voor het lezen.

Robert van Brug


zaterdag 17 maart 2012

Nikon 1: basistest

De afgelopen maanden heb ik veel testen uitgevoerd met een aantal verschillende camera's. Het eenvoudigst is te testen wat je zelf voor handen hebt, in mijn geval een compactcamera en een spiegelreflex.

De opkomst van de systeemcamera maakte dat ik hier ook over ging nadenken. Zou het wat zijn? En voor mijzelf? Wat uiteindelijk tot een artikel op dit blog leidde. Conclusie was dat het voor mij niet zou werken. Maar door de Nikon 1 werd ik weer aan het twijfelen gebracht, zoals in een ander artikel al uitgelegd. Een dergelijk toestel levert namelijk veel hogere kwaliteit beelden dan een compactcamera én alle lenzen voor de spiegelreflexcamera kunnen ook gebruikt worden.

Nu bleek een vriendin een J1 aangeschaft te hebben. Heel brutaal heb ik gevraagd of ik die een paar dagen mocht lenen en dat mocht. Paula: bedankt!
Nikon1 J1 met 10-30 mm objectief en bijpassende Nikon 1 draagband.

Mijn oorspronkelijke kritiekpunt op compacte systeemcamera's blijft echter overeind: het toestel is gewoon te groot om in de binnenzak mee te nemen. Ook met de kleinste lens erop. Het past wél in een damestas, maar de vraag is of dat werkt. Ook Paula heeft er een apart tasje voor. Wat de kans vergroot dat het toestel uiteindelijk niet meegaat op een dagje uit. Mocht je het toch meenemen, dan is het weliswaar groter en zwaarder dan een compactcamera, maar veel lichter en kleiner dan een spiegelreflex. En dat is niet onbelangrijk als je er de hele dag mee moet rondlopen. 

Er zijn twee verschillende types Nikon 1: de V1 en de J1. De V1 heeft wel een zoeker (electronic viewfinder of evf) en is een paar honderd euro duurder. De J1 heeft deze zoeker niet wat betekent dat het scherm achterop gebruikt moet worden om foto's te maken. Net als bij een compactcamera dus.
de V1 heeft dus wel die zoeker en lijkt daardoor wat meer op een spiegelreflex. De V1 heeft echter geen flitser, die de J1 weer wel heeft. Er kan wel een opzetflitser bijgekocht worden die beter is dan de inbouw van de J1. Tenslotte heeft de J1 een elektronische sluiter en de V1 ook nog een mechanische versie. Verder zijn de toestellen identiek.
Oh ja, voor de dames: verkrijgbaar in zwart en wit, de J1 is er ook in het rood en in het roze. De lenzen op deze camera zijn bijpassend van kleur.

De eerste indruk van de Nikon 1 is goed. Het toestel voelt erg degelijk, ziet er prachtig afgewerkt uit en heeft een rustig design, met niet te veel knoppen. Dat lijkt me goed want wie veel knoppen wil koopt maar een spiegelreflex.
De menu's wijzen zichzelf, het instellen gaat erg makkelijk en een aantal zaken lijkt op alle Nikon toestellen hetzelfde, zoals het scherm met de opname, het histogram en de belangrijkste gegevens van de opname. Dat is ideaal als je Nikon gewend bent en dit toestel voor erbij hebt. Voor Nikon geldt dat ze op deze manier niet iedere keer opnieuw het wiel hoeven uit te vinden. Wat goed is kunnen ze overal toepassen.


Achterzijde van de Nikon 1 J1. Vertrouwd scherm voor Nikon gebruikers.
Hier is ook goed zichtbaar dat er niet zoveel knoppen op de achterkant zitten.

Vervolgens foto's maken. Het wijst zichzelf, gaat makkelijk en het ziet er goed uit! Ook bij beperkt licht gaat het prima. De autofocus vindt razendsnel het onderwerp, dat is echt een enorm pluspunt van dit toestel.

Ook in de volautomatische stand gaat het verrassend goed. Zodra er een onderwerp dat heel dichtbij staat in beeld wordt genomen gaat het toestel in de macro stand. Een mens in beeld? Portretstand. Ook de gekozen waarden voor diafragma, ISO e.d. leveren in veel situaties een goed resultaat op.

Wie dit blog vaker leest weet dat de echte test voor camera's zit in het fotograferen met hoge ISO waarden. Hoe minder ruis er dan zichtbaar is, hoe beter de sensor en daarmee de camera. En wie dit gelezen heeft weet dan goedkope compactcamera's op dit onderdeel slecht scoren. Dus hoe vergaat het de compacte systeemcamera?

Voor alle testfoto's hieronder geldt: ik geef een 100% crop weer, dat wil zeggen dat iedere beeldpunt van de sensor (pixel) ook een beeldpunt op het scherm is. Hierdoor kijk je naar een extreem klein detail v/h totale beeld, in deze voorbeelden slechts 3% van de hele foto!
Alle opnamen gemaakt onder gelijke omstandigheden, vanaf statief.
Het onderwerp in dit geval: een krijger uit het wereldberoemde terracottaleger uit Xi'an, China. Maar dan een 15 cm hoge replica. Het hoofd is slechts 2 centimeter hoog.

ISO 400:

Nauwelijks ruis. ISO100 en 200 zijn nog beter, maar het is bijna niet zichtbaar.

ISO 800:

Er is hier al een beetje ruis zichtbaar, maar niet storend.

ISO1600:

En nog wat meer ruis, maar het valt nog erg mee.

ISO3200 dan:

Het kost moeite om ruis in de foto te krijgen, maar op de extreme waarde van 3200 lukt het. En dan valt het nog mee, indrukwekkend!

ISO 6400 (Hi1) zit ook nog op de camera, wat levert dat dan op:


Dit is heel veel ruis. Maar voor ISO6400 is ook dit verrassend goed!

En vergeet niet: dit zijn extreme close-ups, enorm uitvergroot. En natuurlijk is het mogelijk in fotobewerkingsprogramma's ruisonderdrukking toe te passen waardoor het resultaat nog veel beter wordt dan hierboven. Ik begin me af te vragen hoe dit zich verhoudt tot een spiegelreflex camera, maar dat is voor de volgende keer.

De voordelen op een rij:
  1. voelt erg degelijk aan
  2. eenvoudig te bedienen
  3. meer geavanceerde instellingen zijn mogelijk voor wie dat wil
  4. kwalitatief zeer hoogwaardige foto's, ook op hele hoge ISO waarden.
  5. op de volledig automatische stand over het algemeen prima foto's
  6. uitstekende autofocus maakt het makkelijk het gewenste plaatje te maken
  7. kleiner en lichter dan een spiegelreflex. Geen bezwaar om de hele dag mee rond te lopen
  8. mogelijk om lenzen van de spiegelreflexcamera op dit systeem te gebruiken

Nadelen zoals ik ze zie:
  1. Zoals eerder gemeld: te groot voor in de jaszak.
  2. Als gevorderde fotograaf wil ik niet dat de camera van alles voor mij bepaald, ik wil graag van alles zelf instellen. Dat kan wel, maar zit onnodig verstopt. De voor mij zo vertrouwde P, S, A en M-stand zitten diep in een menu. Dat is helemaal niet nodig, er was op de draaischijf nog ruimte genoeg voor.
  3. Ik heb behoorlijk moeten zoeken hoe ik het diafragma (in A-stand) of de sluitertijd (in S-stand) moet aanpassen. Ook de handleiding hielp niet. Na veel zoeken blijkt de zoomknop hiervoor gebruikt te moeten worden. Dat werkt prima, maar komt op mij onlogisch over. Het scheelt overigens wel een extra knop, dus ik snap waarom Nikon hiervoor gekozen heeft, maar als spiegelreflex gebruiker is dit wennen.
  4. Het ontbreken van een zoeker. De V1 heeft die wel, maar op de J1 ontbreekt het. In de zon is er bijna geen foto mee te maken, je ziet echt helemaal niets op de display. Ik heb kunstgrepen moeten uithalen door het scherm in de door mijzelf veroorzaakte schaduw te houden, maar dan is de houding weer onlogisch en is het niet ontspannen fotograferen. Aan de andere kant: als je een compactcamera gewend bent zal dit punt je niet eens opvallen. Ben je echter zoals ik een spiegelreflexgebruiker, dan is het behelpen. 
  5. Duur. Er zijn in dit segment voordeligere alternatieven op de markt die wellicht net zo goed zijn. Ik denk dan met name aan het Micro Four Thirds systeem wat nog niet de helft kost van het Nikon 1 systeem. Maar is dat wel zo goed? Een verdere test zal het uitwijzen!
Bedankt weer voor het lezen en tot de volgende keer.

Robert van Brug