Posts tonen met het label Portret. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Portret. Alle posts tonen

donderdag 2 januari 2014

Flits 1: direct en indirect flitsen

Een eerste artikel toegespitst op het fotograferen van met name portretten met behulp van flitslicht.

Iris bij natuurlijk licht
Nikon D600 + 24-85mm f/3.5-4.5 @85mm
iso 1600, f/4.5, 1/25e sec.
Deze opname bij natuurlijk licht van mijn dochter Iris is prima. Maar het is wel op het randje van wat technisch haalbaar is: het grootst mogelijke diafragma van f/4.5 is gebruikt, iso1600 is een behoorlijk hoge waarde en 1/25e seconde sluitertijd (uit de hand) is ook met Vibration Reduction nog maar net goed.

Op lagere ISO waarden worden de kleuren mooier en de contrasten hoger, maar er was gewoon niet genoeg licht om daar iets aan te doen. Bij een iets geknepen diafragma van bijvoorbeeld f/5.6 zou het beeld ook nog wat scherper zijn. Gelukkig zijn er oplossingen op bijna alle camera's aanwezig waarbij een tekort aan natuurlijk licht opgelost kan worden: via het toevoegen van kunstlicht door het gebruik van de flitser.

Nadeel van het gebruik van de ingebouwde flitser van een camera is dat direct flitsen geen fraaie belichting oplevert. Met een opzetflitser, ook wel reportageflitser genoemd, is het mogelijk om de flitskop omhoog en zijwaarts te richten. Hiermee wordt een lichtvlek gemaakt op plafond of muur die vervolgens als lichtbron voor ons onderwerp dient. Het oppervlak van deze lichtvlek is veel groter dan dat van de flitskop zelf, waardoor we veel zachter licht krijgen. En dat is veel prettiger!

Direct geflitst met reportageflitser met omnibounce
iso 400, f/4.5, 1/60e sec.

Indirect geflitst via het plafond met omnibounce
iso 400, f/4.5, 1/60e sec.

Invullen m.b.v. uitschuifkaartje (of gebruik een visitekaartje hiervoor). Hiermee wordt meer licht richting het gezicht gestuurd.

Flitser met zelfgemaakt uitschuifkaartje
Mijn Nikon SB600 reportageflitser heeft geen wit uitschuifkaartje. Maar een velletje papier lost deze tekortkoming op voordelige wijze op.

Indirect geflitst via plafond, zonder omnibounce, met uitschuifkaart
iso 400, f/4.5, 1/30e sec.

Het is mogelijk dat de muren niet wit maar gekleurd zijn. Knalrood of kobaltblauw geschilderd, of helemaal afgetimmerd met donkere schrootjes. Gebruik in dat geval de muren niet om te bouncen omdat de kleur van de muur/plafond door de flits op het onderwerp gereflecteerd zal worden.

Als bouncen niet kan maar er moet wel geflitst worden, dan is een omnibounce een oplossing. Dit is een mat kapje dat over de flitskop heen geschoven kan worden, waardoor het licht wat meer verspreid en daardoor zachter wordt. Er zijn meer soorten diffusors in de handel, waarvan de Lightsphere van Gary Fong een van de bekendere is. De Lightsphere (en soortgelijke producten) gebruikt feitelijk het principe van het indirect flitsen op een directe manier: door het oppervlak van de flitser te vergroten wordt het resultaat zachter licht.

Bedankt voor het lezen,

Robert van Brug



zaterdag 23 juni 2012

Programma-automatiek

Dit artikel gaat over de scènestanden op de camera. De macro, sport, landschap, nacht en portretstand waarmee je de camera een beetje helpt, want door dit in te stellen vertel je de camera met welke omstandigheden hij rekening mee moet houden. Maar wat doen deze instellingen eigenlijk? Op welke manier wordt de belichtingsdriehoek, bestaande uit ISO, diafragma en sluitertijd, hiermee door de camera geregeld? Wat kun je zelf nog instellen en wat doet de camera nu voor je?


Alle compactcamera's hebben deze standen. Soms zijn er nog meer: voor vuurwerk bijvoorbeeld. Maar de eenvoudige camera's hebben zelden de PSAM standen (bij Canon: P, Tv, Av en M), die ik hier al eens heb uitgelegd. High end spiegelreflexcamera's hebben alleen PSAM. Consumenten spiegelreflexcamera's (zoals mijn Nikon D90) en compacte systeemcamera's hebben vaak beide.

Ik heb een testje uitgevoerd, met het volgende onderwerp:

Deze opname is gemaakt in de P-stand. De camera kiest in dat geval zelf een diafragma en sluitertijd. Ik had de ISO ingesteld op 200 om weinig ruis te krijgen. Dat kan ook want dit onderwerp is statisch en ik heb de foto vanaf statief gemaakt met de zelfontspanner. In de P-stand kun je de ISO ook nog op Auto zetten, dan regelt de camera de hele belichtingsdriehoek zelf.

Vervolgens heb ik in dezelfde opstelling iedere keer een andere programma-automatiek ingesteld. Hieronder een tabel met de door de camera gekozen instellingen:


Scène
Sluitertijd
Diafragma
ISO
AF- hulplicht
Ingebouwde flitser
Scherpstelpunt
P-stand
1/80e
f/4.5
200
Aan 
 Uit
instelling 
Auto
1/60e
f/4.0
640
Aan 
Aan 
instelling 
Portret
1/40e
f/4.0
400
Aan
Aan
automatisch
Landschap
1/15e
f/6.3
400
Uit
Uit
automatisch
Close-up
1/60e
f/5.6
800
Aan
Aan
middelste
Sport
1/200e
f/4.0
1600
Uit
Uit
Continue*
Nachtportret
1/40e
f/4.0
400
Aan
Aan
automatisch


Auto.
Deze hoort niet bij de programma-automatiek instellingen, maar voor de volledigheid wel handig om mee te nemen. Dit is de echte point-and-shoot-instelling. De beginner zal deze instelling gebruiken omdat de camera dan alles zelf doet.
Het verschil t.o.v. de P-stand is dat de camera ISO op auto instelt. Hier vertaalt zich dat in een hogere ISO. Een derde stop groter diafragma en een sluitertijd van 1/60 die door de camera standaard vaak wordt gekozen. Als het te donker zou zijn geweest dan was de ingebouwde flitser door de camera ook ingezet.

Portret.
Ruis moet voorkomen worden in huidtinten die toch al zo kwetsbaar zijn, dus een vrij lage ISO waarde.  Omdat mensen meestal niet heel snel bewegen als je een portretfoto maakt hoeft er ook geen snelle sluitertijd te zijn. Het diafragma gaat hier helemaal open. AF-hulpverlichting is aan en bij weinig licht zet de camera de ingebouwde flitser in. Scherpstelpunt wordt automatisch gekozen.

Landschap.
Een nog langere sluitertijd is geen probleem bij landschappen. De camera zal er in deze stand vanuit gaan dat er vanaf statief gewerkt wordt. Het diafragma wordt verkleind (+1 1/3 stop t.o.v. de f/4 in auto mode). De AF-hulpverlichting wordt uitgeschakeld omdat deze hier geen zin heeft. De ingebouwde flitser zal niet afgaan bij weinig licht. Scherpstelpunt wordt automatisch gekozen.

Close-up.
Om bij onderwerpen dichtbij toch nog een redelijk scherptedieptegebied over te houden wordt het diafragma een stop verkleind. Hierdoor moet de ISO wat omhoog, sluitertijd wil de camera graag op 1/60e houden. Extra bij deze instelling is dat de camera automatisch het middelste, meest gevoelige, scherpstelpunt gebruikt.

Sport.
Vanzelfsprekend gaat de camera nu uit van snel bewegende onderwerpen. Om hiermee om te kunnen gaan moet de ISO dan fors omhoog, maar anders is de opname bewogen, dus dat is een logische keuze. AF hulpverlichting en de ingebouwde flitser blijven allebei uit omdat ze geen zin hebben.
Het scherpstellen gebeurd zodra de ontspanknop half wordt ingedrukt continu op het middelste scherpstelpunt. Bovendien zal de camera het onderwerp proberen te volgen met de sensoren, mocht het het middelste scherpstelpunt verlaten.

Nachtportret.
Ten opzichte van de normale portretstand is er in dit voorbeeld geen verschil, de instellingen in bovenstaande tabel zijn exact gelijk.


De bruikbaarheid van deze instellingen hangt af van de hoeveelheid ervaring van de fotograaf. Een beginner zal blij zijn dat hij dat hele gedoe rond diafragma, sluitertijd en iso niet hoeft te snappen. Een beginner zal ook niet zulke hoge eisen stellen aan de kwaliteit van de foto's. En hij zal waarschijnlijk een compactcamera gebruiken waarbij dit de enige instelmogelijkheden zijn. Dan is het prima, het past bij de fotograaf.

De meer gevorderde gebruiker heeft er echter niets aan. De macro-fotograaf zal graag een veel kleiner diafragma kiezen dan de camera doet, f/22 bijvoorbeeld. De sportfotograaf heeft niets aan 1/200e seconde, dat levert nog steeds bewogen beelden op. Bij 1/500e begint het. De landschapsfotograaf zal ook het diafragma een stuk verder knijpen. Enzovoort. De gevorderde fotograaf stapt al snel over op de P, S, A en M-standen.

Conclusie:
leuk om mee te beginnen, maar naarmate de fotograaf zich ontwikkelt zal hij steeds meer van de handmatige instellingen gebruik maken om controle over de camera te krijgen.

Bedankt voor het lezen,

Robert van Brug