zaterdag 21 februari 2015

Sensorreiniging bij Chipclean

Ik ben onlangs bij Chipclean geweest. Chipclean is een gespecialiseerd bedrijf gevestigd in Heumen, onder Nijmegen, waar camerasensoren gereinigd kunnen laten worden.

Het is voor veel fotografen een terugkerend probleem: sensorvlekken. Deze zijn vooral zichtbaar in blauwe luchten. Ook neemt de kans op zichtbare problemen toe bij een kleiner diafragma. Typisch is landschapsfotografie daarom een zwaar getroffen soort fotografie.

Al enige jaren maak ik zelf mijn sensoren schoon, zoals ook al eens hier voorbij is gekomen. De laatste tijd echter bleken er wat hardnekkige vlekken op mijn sensor te zitten die ik er niet af kreeg. En laat ik nu net de laatste tijd wat vaker landschappen vastleggen!

Zodoende een afspraak gemaakt bij Chipclean. Eigenaar Ton Niessing heeft jaren in cleanrooms gewerkt en weet waar hij het over heeft.

De 'vooraf' foto
Ton maakt altijd eerst een foto om te kijken hoe erg het probleem is. Op mijn 'vooraf'-foto zijn een aantal problemen zichtbaar (door mij met rood omcirkeld en van letters voorzien):
A is wat residu dat is achtergebleven nadat ik zelf de sensor heb geprobeerd te reinigen.
B zijn wat vlekjes die op een andere manier zijn ontstaan. Hierover later meer.
C is een kras in de coating die over de sensor zit. Erboven loopt er nog een. Deze zijn door mij als gebruiker veroorzaakt, waarschijnlijk door te handhandig schoon te maken. Zolang de kras niet door de coating heengaat is de sensor zelf niet beschadigt. Maar het is hier op een foto wel zichtbaar, dat is ongewenst.
D is een stofje dat is achtergebleven.

Ton gaat vervolgens aan de slag en probeert de sensor weer als nieuw te krijgen.
Het residu (A) is er in de eerste ronde vanaf, geen enkel probleem. De vlekjes onder B gaan bijna allemaal ook vlot weg. De kras (C) vervaagt grotendeels en stofje (D) is ook geen enkel probleem.
Het probleem zit in de vlekjes bij B (en boven A nog een paar). Sommige gaan niet weg na een standaard reinigingsbeurt. Dat was mij ook al opgevallen en dat was ook de reden dat ik hulp had ingeroepen.

Ton laat de camera even 'klapperen', d.w.z. snel achter elkaar een flink aantal opnames maken. Hierdoor komt er in het spiegelhuis eventueel verder aanwezig stof los. En dan weer een testfoto en wat blijkt: dat maakt het aanzienlijk erger in mijn geval, dus het spiegelhuis bevat veel stof. De oplossing is een tweede ronde reinigen. Gevolgd door een derde, een vierde en een vijfde.

Eindresultaat
Dit ziet er een stuk beter uit! Maar wie zeer kritisch kijkt en in photoshop wat speelt met contrasten e.d. ziet dat de grote kras (C) nog zichtbaar is evenals een tweetal kleine vlekjes (B). In het dagelijks gebruik is er echter niets van te zien. Maar ik ben wel geschrokken! Ik dacht dat ik voorzichtig en goed met mijn camera omging. Ik heb daarom ook gevraagd wat ik kan doen om herhaling te voorkomen. Hoe komt het nou dat mijn sensor/spiegelhuis zó vies was? Hierbij wat tips:

Tips:
  1. Maak zelf geen sensor schoon. Het lijkt logisch dat Ton dit zegt, maar het heeft mij bijna mijn sensor gekost. Als het echt mis was gegaan had ik een nieuwe camera kunnen gaan uitzoeken.
  2. Gebruik nooit een blaasbalg voor het spiegelhuis. Dit is een traditioneel hulpmiddel in de fotografie en wordt bij elke fotozaak verkocht. Maar door lucht naar binnen te blazen, blaas je de aanwezig stofdeeltjes onder kracht naar de sensor. De kleine vlekjes (B) moeten vergeleken worden met steenslag op een autovoorruit: de beschermende coating is hier permanent beschadigd. Gewone lucht in een huiskamer bevat zeer veel stofdeeltjes en in een dergelijke omgeving gaan blazen is rampzalig. Het gevolg bij mij was dat het hele spiegelhuis vol zat met minuscule stofdeeltjes die loskomen en zich vervolgens op de sensor bevinden. Vandaar 5 rondes schoonmaken.
  3. Meest leerzame van de dag vond ik echter het antwoord op de vraag: waar komt die troep nu eigenlijk vandaan? Wat is de oorzaak van de problemen? Ik kan het wel blijven (laten) schoonmaken, maar kan het ook voorkomen worden? Het antwoord is: ja, dat kan. Het grootste probleem wordt gevormd door de metalen achterkant van lenzen en de lensdop van polycarbonaat die daarop gemonteerd zit. Iedere keer dat deze bewogen wordt vindt er slijtage plaats wat resulteert in kleine plasticdeeltjes. Deze bevinden zich veelal op de achterzijde van de objectieven die op den duur op de sensor terug te vinden zijn. De oplossing is het periodiek reinigen van de achterkant van de lenzen. Hiervoor is bijvoorbeeld Lensswab op de markt gebracht. Een instructievideo geeft meer uitleg. 
  4. Ga verder met de grootste voorzichtigheid om met de sensor. De moderne camera's zijn hoogwaardige optische precisie-instrumenten, behandel ze ook als zodanig. 

Toen ik toch eenmaal was heb ik Ton gevraagd om ook wat lenzen met mijn body te calibreren d.m.v. het finetunen van de autofocus. Ook dit had ik al zelf geprobeerd (en beschreven)....

Gelukkig bleek ik dit redelijk goed gedaan te hebben. Mijn 300 mm lens was goed gegaan, de 70-200 kon beter maar de macrolens was wel weer goed. Dit lijkt dus iets wat goedbedoelende amateurs die er niet dagelijks mee bezig zijn wél zelf kunnen uitvoeren. En er kan ook niet iets bij beschadigd raken: als het niet lukt, is het een kwestie van wissen van de instelling in het menu. Maar ik vond het wel fijn om de zekerheid te hebben dat het nu optimaal is afgesteld.

Bedankt voor het lezen,

Robert van Brug


zaterdag 10 januari 2015

Lytro Illum

Bij City Foto in Eindhoven was er zaterdag 10 januari 2015 de gelegenheid kennis te maken met de Illum van Lytro, de tweede generatie lichtveldcamera voor  consumenten.

Lytro Illum
copyright foto Lytro

Een lichtveldcamera werkt totaal anders dan andere camera's. Het is niet mijn bedoeling hier diep op de achterliggende techniek in te gaan. Voor de geïnteresseerden verwijs ik graag naar Wikipedia.

Belangrijk voor de fotograaf is dat scherpstellen feitelijk gebeurd in de nabewerking. Daarmee is een onscherpe foto omdat er niet goed werd scherpgesteld onmogelijk geworden. Dat betekent totaal anders fotograferen: netjes compositie bepalen en afdrukken, daar komt het eigenlijk op neer.

Ik heb ook zelf wat opnames mogen maken:
Lytro Illum, f/2, iso 160, 1/40e sec., 30 mm.
Achteraf scherpgesteld op de statiefkop in de voorgrond (linksonder)

Het bij deze foto genoemde diafragma van f/2 is vast. De zoomlens (niet verwisselbaar) heeft over het hele bereik deze lichtsterkte. Er zijn in traditionele camera's zoomlenzen met de halve lichtsterkte (f/2.8), maar over een bereik van 30-250 mm is het ronduit indrukwekkend.

Lytro biedt op de eigen website gratis software aan die noodzakelijk is om de door de camera geleverde bestanden te kunnen bewerken. Het software pakket zal voor iedereen die met Photoshop of Lightroom of iets vergelijkbaars werkt zeer bekend voorkomen. Wat anders werkt is het klikken op de opname op het punt waar de focus gewenst is. Het voelde voor mij een beetje als magie, op verschillende punten klikken en zien dat de scherpstelling wijzigt.

Lytro Illum, f/2, iso 160, 1/40e sec., 30 mm.
Achteraf scherpgesteld op het achterste statief

Deze opname is dus dezelfde als hiervoor, alleen op een ander punt scherpgesteld. De statieven in de voorgrond zijn plotseling behoorlijk onscherp.
Lytro Illum, f/2, iso 160, 1/40e sec., 30 mm.
Achteraf scherpgesteld op het middelste (rode) statief

Ook is het mogelijk te spelen met het diafragma, zoals deze derde opname aantoont. Bij de opname is er van f/2 gebruikgemaakt, maar achteraf heb ik dat gewijzigd in f/16 waardoor alles scherp is. Bij een traditionele camera had bij f/16 bij de opname de ISO-waarde enorm omhoog gemoeten, daar is hier geen sprake van. Ook kan achteraf het diafragma nog naar f/1 gewijzigd worden, wat bij traditionele camera's niet haalbaar is.

Ook kan met behulp van de gratis software heel eenvoudig een filmpje gemaakt worden. Hier het resultaat van de standaardinstellingen, losgelaten op de hiervoor gebruikte foto.


Ik zie hiervoor zeker toepassingen voor productpresentaties op websites e.d.

Fotografen zijn altijd geïnteresseerd in specificaties. Deze staan allemaal op de website van Lytro beschreven, maar ik pik er toch een paar dingen uit:

  • Resolutie: Lytro spreekt hardnekkig over 40 "megarays". Wat is dat? De uiteindelijke foto's zijn 2450 bij 1634 pixels, wat neerkomt op 4 megapixel. Dat steekt schril af bij de huidige standaarden van spiegelreflexcamera's.
  • De lichtsterkte van f/2 over een zeer allround zoombereik van 30-250 mm. Feitelijk is het niet-verwisselbare objectief echter een 9,5-77.8 mm, met een cropfactor van iets meer dan 3 (veroorzaakt door een sensor van 10,82*7,52 mm, waardoor deze slechts 1/10e v/h oppervlak heeft van een full frame camera). Dit verklaart ook waarom het objectief relatief compact kan zijn: de achterliggende sensor is minuscuul. Hierdoor is echter ook een hanteerbaar objectief met dit zoombereik mogelijk. De afmetingen zijn vergelijkbaar met een 18-200 mm-lens op een crop camera. Maar die produceert wel een grotere afbeelding (5*zo groot).
  • File formaat: LFR (light field raw). Alleen uit de lezen met de software van Lytro. En het is altijd RAW. De bestanden zijn, dankzij de voornoemde 40 megarays, maar liefst rond de 50MB per stuk.
  • Snelheid: max 3 beelden per seconde.
  • Minimale scherpstelafstand: 0 mm vanaf de lens. Eigenlijk zelfs IN de lens. Geweldig voor macro. Dat is toch een vorm van fotografie waarbij scherpstellen een grote uitdaging is, maar dat is hiermee verleden tijd. Een zweefvlieg in vlucht scherp vastleggen wordt een fluitje van een cent.
  • Bediening: middels een paar knoppen en het touchscreen.
  • Programmastanden: P,I,S en M. I staat voor ISO. De A-stand ontbreekt, dat gebeurt zoals eerder gezegd achteraf. In de M-stand is het mogelijk om het bij de opname al in te stellen, maar waarom zou je?
  • Opslag medium: SD-kaart. Vanwege de 50 MB-bestanden met max. 3 fps is een UHS-1 kaartje aan te raden, van een aanzienlijke omvang. 
  • Een rappe PC is nodig, Lytro raadt een i5 processor met minimaal 8GB intern geheugen aan. Mijn eigen PC voldoet hier ruimschoots aan maar had toch aanzienlijk tijd nodig om de bestanden in te lezen (ca. 30 seconden per foto).
  • Flitser kan in de flitsschoen geplaatst worden, niet ingebouwd. 
  • Wordt behoorlijk compleet geleverd, waarbij het meest opvallende item een 4 stops grijsfilter is. Deze is vaak buiten overdag nodig vanwege de permanente diafragma van f/2.
  • Verkoopadviesprijs: € 1599,=
Dit is een tweede generatie lichtveldcamera. De eerste generatie was revolutionair, maar met een veel te lage resolutie (11 megarays, ca. 1 megapixel foto's). Nu is het 4 MP en het toestel is verder enorm veel volwassener geworden. En feitelijk op een veel te kleine sensor. Maar de gebruikte lens bevat geen speciale schokkende optiek, de vernieuwing zit in de camerabody. Wat ook betekent dat het in theorie mogelijk moet zijn om een systeem met verwisselbare lenzen te maken. Misschien zelfs gebruik te maken middels een adapter van alle prima Canon, Sony en Nikon objectieven die er al zijn. En die sensor is klein, maar dat zal ook steeds minder een probleem zijn. De systeemcamera's zijn al nauwelijks meer minder dan DSLR's en die ontwikkeling zal doorgaan. Ik denk dat een derde generatie wel eens heel interessant zou kunnen worden. Het zal ook interessant zijn te zien wat de gevestigde orde dan gaat doen. Lytro kopen? Ik ga het in de gaten houden.

Gaat Lytro in de tussentijd hier de wereld mee veroveren? Nee, dat denk ik niet. Maar er zijn wel toepassingen te bedenken. De relatief lage resolutie mag dan geen probleem zijn. Bijvoorbeeld  voor websites. En dan kan in de vorm van korte filmpjes in plaats van een productfoto een kort filmpje gemaakt worden uit een foto. Ik heb het gezien en het ziet er prachtig uit.

In de tussentijd droom ik van een lichtveldcamera met een 500 mm lens waarbij ik met gemak vluchtfoto's van ijsvogels kan maken. En die dan allemaal perfect scherp zijn...

Bedankt voor het lezen,

Robert van Brug












donderdag 8 januari 2015

Revolutie in telelenzen?

Tijdens gadgetbeurs CES 2015 in Las Vegas heeft een kleine revolutie plaatsgevonden op het gebied van telelenzen. Er is in ieder geval iets bijzonders gebeurd, wat te maken heeft met de introductie van de nieuwste telelens van Nikon, de Nikkor AF-S 300 mm f/4E PF ED VR:

Het nieuwe model 300 mm f/4
Foto copyright Nikon
Nikon had al jaren een uitstekende 300 mm f/4, maar die begon op leeftijd te komen. Deze was van veel metaal gemaakt, had nog een ouderwetse diafragmaring, geen stabilisatie in de vorm van VR. Maar het was voor een aantal doeleinden een prima lens.
Het vorige model 300 mm f/4
Foto copyright Nikon
De revolutie zit in het gewicht: waar de oude 1440 gram weegt, komt de nieuwe niet verder dan 755 gram. Iets meer dan de helft dus! Hoe is dat mogelijk?

De letters PF, die staan voor Phase Fresnel, dat doet de truc.

uitleg werking Phase Fresnel
copyright uitleg: Nikon
Dit is een oude optische techniek, die lang geleden al werd toegepast in vuurtorens:

Lamp in vuurtoren, zichtbaar door de fresnel-lens (het geribblelde stuk) ervoor
Copyright afbeelding onbekend

Het is een lichte en eenvoudige manier om licht te bundelen. Weliswaar met ongewenste effecten tot gevolg, maar die zijn door gebruik te maken van een refractief element (zie hierboven) nagenoeg op te lossen. Het geheel van deze twee elementen is zo goed dat de rest van de constructie vrij compact gemaakt kan worden. Waarvan akte: de helft van het gewicht is een prestatie van formaat.

Er zijn mogelijk wat keerzijdes:

  1. Optische prestatie: in theorie is het zo dat er halo's optreden door het fresnel-element, specifiek in tegenlicht situaties. Deze lijken mee te vallen en kunnen softwarematig bestreden worden. Nu is de lens net geïntroduceerd, dus de toekomst zal  uitwijzen hoe goed hij is.
  2. De prijs: de oude kost 1299€, de nieuwe krijgt een adviesprijs van 2099€. Dat is 60% duurder (of 800€). Dat is een prijzige gewichtsafname. Maar door toevoeging van VR, Fluoriet-coating en wat andere modernere zaken zou de lens toch al duurder geworden zijn. En het betreft nu een adviesprijs, vaak zakt de marktprijs hier onder.

Resultaat is een 300 mm f/4 ter grootte van een 24-70 mm f/2.8 lens (op langste stand). En dan is hij nog lichter ook. Zowel de 70-200 f/4 als de 14-24 f/2.8  zijn ook zwaarder. Plotseling is gewicht geen belemmering meer om een wat grotere telelens mee te nemen, waar nu velen het bij 200 mm (van de 70-200) voor gezien houden. Kansen!

Maar wat als nu andere grote primes ook hiervan voorzien gaan worden? Een 500 mm f/4 van 2 kg lijkt me wel wat. Die is dan plotseling ook veel beter uit de hand te bedienen i.p.v. vanaf een statief. Maar misschien is juist een 600 mm f/2.8 nu haalbaar, of een 1000 mm f/4! Ik fantaseer maar om aan te geven dat er nu meer mogelijkheden zijn.

Vreemd genoeg is het helemaal niet nieuw. Niet alleen vuurtorenbouwers kenden deze truc al heel lang, ook Canon. Al 10 jaar geleden (in 2005) kwam er een 400 mm f/4 DO (diffractive optical) op de markt. Deze lens is nog steeds verkrijgbaar maar is nooit een verkoopsucces geworden.

Canon EF 400 mm f/4 DO IS II USM
Copyright: Canon


Canon heeft 3 400 mm primes in het assortiment:
gewichtprijs
400 mm f/2.8 II3850 gr.9,789€
400 mm f/4 DO2100 gr.4,995€
400 mm f/5.61250 gr.1,174€
(prijzen zijn laagste prijzen op kieskeurig.nl op 8 januari 2015)

Wat mij opvalt is dat de DO-versie feitelijk veel te zwaar is. Op basis van het maximale diafragma van f/4 zou dit gewicht al verwacht mogen worden: ongeveer het dubbele van de f/5.6 en de helft van de f/2.8. Bij Nikon is echter de nieuwe 300 mm even lichtsterk (nl. f/4) als de oude en wel veel lichter. 

De komende periode zal moeten uitwijzen of dit een succes gaat worden. Als dat gebeurd kunnen we hier nog veel van verwachten, ik ben benieuwd.

Bedankt voor het lezen,

Robert van Brug

woensdag 7 januari 2015

Test Nikon D750

Het is een tijdje geleden dat ik een artikel op mijn blog heb geplaatst, maar hier is er dan weer een. En omdat het de eerste is in 2015: allemaal de beste wensen voor het nieuwe jaar. Dat we maar mooie beelden mogen maken in goede gezondheid.

Begin December 2014 plaatste Nikon Nederland een oproep op social media. Wie belangstelling had om de enige tijd geleden geïntroduceerde D750 te testen tijdens het Amsterdam Light Festival, moest een paar vragen beantwoorden en een motivatie insturen waarom hij/zij mee zou moeten mogen.

Het leek me leuk, ik was al een tijd van plan dat lichtfestival te bezoeken en ik had tijd. De D750 is maar een kleine upgrade vanaf mijn D600 als ik naar de specificaties kijk, maar toch is die inmiddels twee jaar oud en de ontwikkelingen gaan hard. Dus ik heb gereageerd, maar helaas: ik werd niet geselecteerd.

Totdat ik een dag van tevoren bericht kreeg dat er wegens een afzegging plaats was en ik kon alsnog mee. 's Middags om 16.00 uur mochten we ons melden bij het Europese/Nederlands hoofdkantoor van Nikon in Amsterdam. Er werd o.a. verteld dat er enorm veel reacties waren geweest (ik meen 1500) voor de 2 keer 10 plaatsen die beschikbaar waren.

Nikon Europe/Nederland
Gemaakt met Samsung Galaxy SIII, nabewerkt in Snapseed
Er volgde een uur met uitleg door Olga van de afdeling MarCom en trainer Emile, waarbij alle aanwezigen een D750 uitgereikt kregen, voorzien van 24-85 mm kitlens. Ik had zelf ook nog wat apparatuur meegenomen, maar uiteindelijk heb ik alleen een 16-35 mm lens daarvan gebruikt. En natuurlijk het statief en de afstandsbediening.

Uitleg over de avond door Emile en Olga van Nikon
eerst kennismakingen met de andere fotografen en de D750
Daarna volgde een snelle maaltijd (lasagne) en toen was het tijd om per tram naar het centrum te gaan, eindelijk aan de slag.

Ik was gerustgesteld tijdens de uitleg: de D750 lijkt uiterlijk erg veel op mijn camera, dus het moet lukken om deze in het donker te bedienen. Daarnaast heb ik al 5 jaar foto's gemaakt tijdens Glow in Eindhoven, dus dit is niet nieuw.

Goede prestaties met hoge ISO (6400)
Dit was het eerste kunstwerk waar wij langskwamen en ik wilde de ruisprestatie wel eens testen. De D750 is door verschillende instanties uitgeroepen tot wereldkampioen hoge ISO-prestatie. Bovenstaande foto is een voorbeeld: op 6400 (beeld nauwelijks nabewerkt) ziet het er zeer bruikbaar uit. Natuurlijk is er wel ruis, maar deze is niet overheersend, de kleuren kloppen nog heel behoorlijk.

De mogelijkheden lopen echter nog verder door met ISO, ook 12800, Hi1 (25600) en Hi2 (51200) zijn beschikbaar. Ik verwachtte hier niet veel van, maar dit was een testavond, dus vooruit, proberen maar, ISO Hi2, uit de hand. Beeld van een langsvarende rondvaartboot:

100% crop op ISO Hi2 (51200) @ f/5.6, 1/50e sec.
Deze uitsnede is maar een beetje nabewerkt. Er is geen ruisonderdrukking toegepast, alleen de kleurruis is onderdrukt. De hoeveelheid ruis is erg hoog, maar het beeld is nog wel bruikbaar. Vooral als bedacht wordt dat dit maar een detail van het totale beeld is. Hier de totale foto:

Hele foto @ ISO Hi2 (51200), f/5.6, 1/50e sec
Hier heb ik een beetje ruisonderdrukking op losgelaten (20%), auto tone, verkleind (wat zeer veel scheelt in ruis) en naverscherpt. Deze foto is zonder meer goed bruikbaar. Dus indrukwekkende prestaties. Dat was van tevoren bekend, maar altijd leuk om zelf te testen.

En toen was ik het al snel zat om op torenhoge ISO foto's te maken. Ik had er wel vertrouwen in dat de camera dat goed aankon, maar ik wilde andere beelden maken, met een langere sluitertijd. Waar het water glad wordt en langskomende auto's/boten lichtsporen op het beeld achterlaten. En ik had niet voor niets een statief en een afstandsbediening meegenomen.

f/11, ISO Lo1 (50), 27 seconden
f/11, ISO 100, 15 seconden
Ook heb ik uitvoerig zitten spelen met de bracketing-functie, die uitgebreider is op deze camera, er kunnen maar liefst 9 opnames gemaakt worden (of 3, 5 of 7) waar ik er zelf maar 3 heb. Ik gebruik het zelden, maar het werkte prima.
Ook de ingebouwde HDR heb ik getest. Deze is logischerwijs alleen in JPEG-mode beschikbaar en werkt prima. Tot mijn verbazing kwam ik er na afloop achter dat deze functie ook op mijn eigen camera zit.


f/8, ISO 100, 1.6 sec.
f/5.6, ISO 800, 0.5 sec.
Ingezoomd tijdens de belichting
f/5.6, ISO 100, 30 seconden
Bij de kas van de Hortus Botanicus

f/11, ISO 200, 3 sec.
Theater Carré met de daar geplaatste vuurtoren
En toen zat het er bijna op. Rond 9 uur werd de laatste foto gemaakt, een groepsportret van de deelnemers.

Groepsfoto bij nacht op de Magere Brug
Ingesteld door Emile: f/5, ISO 6400, 1/13e sec, ingeflitst
Helemaal rechts staat Emile, ik ben derde van rechts.
Waarna we weer terug zijn gegaan voor de evaluatie. Ik vond het heel leuk om te doen, maar ik was al een fan van avondfotografie. De camera beviel uitstekend, maar het verschil is niet groot genoeg om een overstap te rechtvaardigen. En de groep was gezellig, maar het wordt al snel leuk met mensen met dezelfde passie.

Samenvattend: de sterke punten van de Nikon D750 zoals ik die zie:
  • Semi-professionele FX- (Full Frame) camera. Nikon pocht nogal met het gewicht (ja hij is licht, maar het scheelt geloof ik 10 gram met de D610) en de greep (die is iets dieper. Ik heb het verschil niet gemerkt, maar het is prima)
  • Bouwkwaliteit: door toepassing van carbon voelt de camera stevig aan terwijl het gewicht niet omhoog gaat.
  • Fabelachtige prestaties bij hoge ISO-waarden.
  • Kantelbaar scherm: dit heeft zich voor mij echt bewezen. De D5000-serie heeft schermen die ook zijwaarts draaibaar zijn, maar die hebben een lagere resolutie.
  • Menu. Het menu is bekend voor gebruikers van een recente andere Nikon camera, maar toch net weer even iets anders, maar wel beter. Veel functies bieden net een extra instelmogelijkheid, zoals de auto ISO waar veel aan ingesteld kan worden. De enthousiasteling kan de camera behoorlijk naar eigen inzicht inrichten.
  • De Auto Focus. Dit was door mij aangegeven richting Nikon als reden om te willen testen. De D600 is niet slecht, maar het AF-systeem van de D750 is het beste van ALLE Nikon camera's v.w.b. gevoeligheid en aantal scherpstelpunten. Dit is zó goed dat een aantal Nikon-gebruikers inmiddels geüpgrade is van een D800/810 naar een D750 (!) Ik heb in het donker geen problemen gehad om scherp te stellen, indrukwekkend goed.
  • RGBW-scherm: kijkt heel prettig dankzij de extra witte pixel. Dit zal vooral bij felle zon zijn kracht moeten bewijzen en nu was het juist donker.
  • Bij het wijzigen van instellingen in het menu kan ook in via de grote display gekeken worden wat er gewijzigd wordt. Dit werkt erg goed.
  • 91.000 pixel lichtmeter, geleend uit de D810. De 600-serie moet het met 'slechts' 2048 punten doen.
  • Videofanaten kunnen zich weer wat meer uitleven: het diafragma is traploos al filmend goed instelbaar. Ik heb dit niet zelf getest, maar een korte demo zag er goed uit.
  • U1 en U2 settings: heel fijn, die gebruik ik ook op mijn D600 en is een gemis op de hoger gepositioneerde D810/D4S.
  • Group-AF. Zelfs in het donker pakte de AF het mede hierdoor snel op, handig.
  • Ingebouwde WiFi. Interessante feature in sommige situaties, maar ik mis het nu niet.
Nadelen:
  • Heeft een AA (anti-aliasing) filter voor de sensor. Dit staat haaks op de overige recente camera's die dat filter niet hebben. Het filter heeft een functie maar beperkt ook de scherpte.
  • AF-systeem: hoewel het beste van alle Nikon's mogen er nog meer sensoren van het kruistype worden (of allemaal, zoals de Canon 7D mark II) waardoor hij nog beter zou zijn. Maar nog belangrijker voor mij zou een betere verdeling over het beeld zijn.
  • 6.5fps. Dat is zeker niet langzaam, maar voor sommige vormen van fotografie, zoals sport en vogels in vlucht is meer beter.
  • En verder een aantal details die wel in de D800/810 aanwezig zijn. 36 MP resolutie is het meest voor de hand liggend om te noemen, maar 24 MP is voor vrijwel alle toepassingen afdoende. 
Dit artikel was een verslag van een gezellig avondje fotograferen in Amsterdam (met foto's van de resultaten), uitleg over avondfotografie én een producttest. Hopelijk werkt de combinatie niet verwarrend.

Bedankt voor het lezen,

Robert van Brug

dinsdag 11 november 2014

Fotografie PC

Mijn laptop, waar ik met veel plezier al bijna 6 jaar op werk, kraakt in zijn voegen, al een tijdje. Met name fotobewerking is bijna niet meer te doen. Het kan er natuurlijk aan liggen dat ik de nieuwste release van Photoshop op een verouderde machine draai. Ik heb de PC al een keer opgeschoond wat wel een beetje hielp, maar niet voldoende. Het probleem bestond al geruime tijd, om precies te zijn bij de aanschaf van een nieuwe camera; de fotobestanden werden nu zo groot dat er zwaarder geschut nodig is. En dat is er nu!

Sinds kort heb ik de beschikking over een nieuwe computer. In dit artikel zal ik kort de overwegingen uitleggen waar ik op heb gelet. Tenslotte zal ik de lijst met componenten weergeven, voor de geïnteresseerden.

Uitgangspunten:

  • Uiterlijk en omvang van de nieuwe PC is niet zo belangrijk. Het mag ook een desktop worden.
  • Prijs <1.000€
  • Windows. Ik heb niets van Apple en voel er ook niets voor om daar nu mee te beginnen. Hoe lyrisch sommige adepten er ook over zijn.
  • Snel, met name voor fotobewerking. Dit wordt met name bereikt door veel intern geheugen, hoe meer hoe liever.
  • Stil. Zittend aan mijn laptop had ik wel eens het idee dat er een raket de lucht inging, zó veel herrie. Eén van de mogelijkheden om dit te bereiken is het inbouwen van een SSD in plaats van een regulier HDD. Bijkomend voordeel van een SSD is dat de computer er sneller van wordt, vooral merkbaar bij het opstarten.
  • Energiezuinig. In ieder geval geen knotsgekke energieslurper.
  • Zelfbouw. Na enige studie (lees: Google, websites van computerbouwers), kwam ik erachter dat er geen kant en klare PC's speciaal voor fotografie verkocht worden.
Zelf samenstellen betekent dat het product helemaal op de eigen behoefte afgesteld kan worden, maar ook dat er meer keuzes gemaakt moeten worden, en het moet zelf in elkaar gezet worden.

Overwegingen voor de verschillende componenten:
  • Processor. Niet de allersnelste nodig, maar omdat ik ook nog wel eens iets anders op de PC wil doen is het fijn als hij goed mee kan komen. Gekozen voor een i5 van Intel.
  • Moederbord: moet plaats bieden aan veel geheugen. Ik kwam er al snel achter dat meer dan 32GB geheugen alleen door hele dure moederborden ondersteund wordt. In plaats van een kleine 100€ zou het dan >300€ worden. Andere factor van belang is dat ik een Displayport-uitgang wilde, omdat mijn monitor ook een dergelijke aansluiting heeft. Deze wens beperkte de keuze behoorlijk.
  • Geheugen: DDR3 op 1600MHz. Dit is de maximale snelheid die het moederbord ondersteund, dus nog sneller is zinloos om aan te schaffen. Er bestaat ook al DDR4 geheugen, maar dat is nog erg kostbaar. Moederbord biedt plaats aan 4 * 8 GB. In eerste instantie 2 * 8 GB aangeschaft zodat uitbreiden mogelijk blijft.
  • Opslag: SSD (Solid State Drive). Dit is sneller en veel stiller dan een reguliere HDD (Hard Disk Drive). Waar de huidige HDD's al in TB (Terabytes) worden aangegeven, blijven de SDD's hierbij achter, maar 100-500 GB is te doen. Gekozen voor 256 GB SDD + 1 TB HDD. De HDD hoeft niet heel erg snel te zijn vanwege de SSD, dat scheelt geld en geluid. Meer opslagcapaciteit is beschikbaar op de NAS.
  • CPU-koeling: superstille ventilator.
  • Voeding: zonder ventilator = stiller. 
  • Behuizing: midi-tower, groot genoeg om bovenstaande in te bouwen. Ik had een voorkeur voor kleiner, met name lager, maar het benodigde moederbord beperkte de keuzemogelijkheden.
  • Toetsenbord: bijna vergeten, maar komend van een laptop is het handig die los bij te kopen. Ik heb gekozen voor een draadloze.
  • Luidsprekers: een setje van 2 bescheiden boxjes zodat ik ook wat kan horen. Ook zoiets dat bij een laptop mooi ingebouwd is.
  • Externe media: een Blu-ray/DVD/CD-brander. Ik brand nog wel eens eens schijfje en vind het sowieso makkelijk om deze ook af te kunnen spelen.
En bovenstaande moet er dan ook nog eens zo uit komen te zien of het bij elkaar past. Een zwarte PC met een witte DVD-drive is echt niet mooi.

Wat heb ik niet ingebouwd:
  • Videokaart. Deze zit weliswaar al op het moederbord, maar met name als er veel aan gaming gedaan gaat worden is dit niet voldoende. Voor fotobewerking echter wel. Dat scheelt enorm in de uitgaven.
  • Kaartlezer: zit in de kast geïntegreerd
  • Floppy drive: echt niet meer nodig anno 2014
Lijst van componenten:
  • Processor: Intel Haswell Core i5 4590 3.30GHz 6MB L3-cache
  • Moederbord: MSI mATX H97M-G43
  • Geheugen: Crucial 2x8GB, DDR3, PC12800, CL9, Ballistix Sport
  • SSD: Crucial SSD 2.5", 256GB, SATA600, M550
  • HDD: Western Digital Harddisk 3.5" Green 1TB, SATA600, WD10EZRX
  • CPU-koeler: GELID Solutions Tranquillo Rev.2
  • Voeding: Seasonic platinum series FL2 460W, modulair, passief
  • Behuizing: Cooler master midi tower Silencio 550ATX (zwart)
  • Toetsenbord: Logitech K360 wireless
  • Luidsprekers: Trust Tytan 2.0 36W (zwart)
  • Externe media: LG Blu-ray brander BH16NS40.AUAR10B 10x, SATA (zwart)
En dan is na wat assemblagewerk het moment suprême daar. Spannend, maar het is goed gegaan, hij werkt. En hoe! Wat is dit snel. Bepaalde bewerkingen in Photoshop waar ik voorheen rustig tien seconden op zat te wachten zijn nu onmiddellijk gereed. En bewerkingen waar de laptop van op tilt sloeg lukken gewoon. Heerlijk, dit maakt het nabewerken van foto's een stuk leuker om te doen.

Kijkje in de kast. 


Bedankt voor het lezen,

Robert van Brug

maandag 10 november 2014

UHS-II geheugenkaarten

Recentelijk hebben Sandisk en Lexar nieuwe SD-geheugenkaarten op de markt gebracht, van het type UHS-II.

UHS-I is al een tijd op de markt en was tot voor kort de snelste SD-kaart verkrijgbaar.

  • Maximale snelheid: tussen 50 en 104MB/sec. Dit wordt aangegeven door de romeinse I
  • Minimale snelheid: 10MB/sec, aangegeven door het cijfer 1 dat in de U staat vermeld.


Ik heb in dit blog al eerder geschreven over geheugenkaarten. In het kort was de conclusie destijds (februari 2013) dat het buffergeheugen van de camera belangrijker is dan de overdrachtsnelheid naar de geheugenkaart. Door bepaalde instellingen van de camera te optimaliseren wordt er optimaal van het buffergeheugen gebruikgemaakt. Dat was toen, nu is er UHS-II.

UHS-II heeft de volgende specificatie:
  • Maximale snelheid: tussen 156 en 312MB/sec. Dit wordt aangegeven door de romeinse II
  • Minimale snelheid: 30MB/sec, aangegeven door het cijfer 3 dat in de U staat vermeld.
De hier genoemde maximumsnelheden zijn grenzen voor dit type bus. Bovenstaande afbeelding gaat over een Sandisk UHS-II (class 3) 64GB, met een leessnelheid van 280MB/sec en schrijfsnelheid van 250 MB/sec. Dat is veel sneller dan UHS-I, maar ik had al bedacht dat het er helemaal niet toe deed, toch?

Dat klopt, maar niet helemaal. De snelheden gaan nu zo hard omhoog dat de camera in staat is om alle foto's die in de mitrailleurstand gemaakt worden (continuous high) ook te kunnen wegschrijven naar de geheugenkaart. Dat betekent dat het buffergeheugen niet vol zal lopen en er continu doorgegaan kan worden met het maken van opnames. Dát is wel goed nieuws.

Even rekenen of dat klopt: mijn camera maakt 5,5 opnamen per seconde in RAW van max. 30 MB per stuk. Dat betekent een datastroom van 5,5*30MB = 165 MB/sec. Dat past makkelijk binnen de normen.

Bedenk wel dat de hier gebruikte snelheden maximale snelheden zijn; de 312MB/sec van UHS-II zal zelden gehaald worden zolang de kaart bezig is. En als er continu doorgeschoten wordt dan is die kaart bezig, waardoor er slechts 30MB/sec gegarandeerd wordt.

De conclusie kan zijn dat sport-/actiefotografen die vaak veel foto's achter elkaar schieten direct dit soort kaarten moet gaan aanschaffen. Dat lijkt helemaal terecht, alleen zijn er nog maar nauwelijks camera's op de markt die dit momenteel (November 2014) ondersteunen. Zowel de nieuwste Canon (7D markII) als de meest recente Nikon (D750) kunnen hier niet mee overweg. 

De toekomst lijkt duidelijk: er zal een standaard komen die zo snel is dat fotografen zich nooit meer hoeven in te houden en dat zal niet zo heel lang meer duren.

Bedankt voor het lezen,

Robert van Brug






zaterdag 8 november 2014

Safarifotografie met een radiografisch bestuurbare auto

Ik ben eind September samen met Wim Werrelman richting Afrika vertrokken, voor een bijna twee weken durend verblijf in Malawi en Zambia. Doel van de reis was fotografie: het zo aansprekend mogelijk in beeld brengen van wildlife en vogels. En vooral met Leeuwen hadden wij wilde plannen...

Dat woordje aansprekend is tricky. Safari- of wildlifefotografie is namelijk nog helemaal niet zo makkelijk. Het eerste probleem dat opgelost moet worden is het vinden van wilde dieren. Afhankelijk van het gebied, het jaargetijde, kwaliteit van de gids en een dosis geluk is dat probleem overkomelijk.

Wij zijn afgereisd naar South Luangwa's National Park in Zambia, een werkelijk fantastisch park waar een aantal soorten goed te vinden is. Neushoorn, Jachtluipaard en Struisvogel komen hier niet (meer) voor, maar het is een hotspot voor Olifant, Nijlpaard, Krokodil, Impala, Koedoe, Buffel, Puku, Zebra en talloze vogelsoorten: Afrikaanse Zeearend, Grijze Kroonkraanvogel, Lelkieviet, Hamerkop, Karmijnrode Bijeneter en Zadelbekooievaar zijn zomaar wat soorten die ik hier alle keren heb gezien. Luipaard is iets moeilijker en Wilde Honden heb ik helaas maar een keer waargenomen. Datzelfde geldt voor de Gnoe die ik dit jaar eindelijk in het wild heb gezien.

De tijd van het jaar waarin wij gingen is ook belangrijk: het is lokaal het einde van het droge seizoen. Dat wil zeggen dat veel struiken kaal zijn en waterbronnen zijn opgedroogd. Het resterende water werkt als een magneet op dieren die in temperaturen van 35-45 graden Celcius water hard nodig hebben. Dat er weinig blad aan de struiken zit maakt het spotten van dieren een stuk eenvoudiger.

Dan is er echter nog steeds geen garantie op mooie beelden. Als er dan, met de nodige kennis, kunde en geluk, na een paar dagen zoeken Leeuwen gevonden worden, dan ligt dat er als volgt bij:


Een mooi groepje Leeuwen, dat in de hitte redelijk voor Pampus ligt. Doordat wij langsreden tilden een aantal leden van deze roedel nog net hun kop op, maar dat is het dan ook. Dat wilden wij niet, wij waren op zoek naar een heel andere beeld, een beeld waarbij de leeuwen in ieder geval niet van boven naar beneden gefotografeerd zijn zoals hierboven, maar op ooghoogte. Dat is wel een uitdaging omdat Leeuwen bijna de hele dag liggen en er naast gaan liggen is niet verstandig. En niet toegestaan: de auto mag niet worden verlaten.

Geïnspireerd door met name dit filmpje op YouTube, had Wim een oplossing voor het bovenstaande probleem: een radiografisch bestuurbare auto, voorzien van een camera. Zoiets is niet kant-en-klaar in de winkel te koop, dat moet gemaakt worden.

De auto, hier ontdaan van camera's
In de basis is het een radiografisch bestuurbare auto die op batterijen werkt. Er zijn sterkere benzineversies te koop, maar die zijn ook veel luidruchtiger wat niet diervriendelijk is. De auto is op een aantal fronten aangepast:
  • grotere banden voor het terrein
  • stuggere vering
  • verwijderen bovenkap
  • opbouw (het camouflage deel op de foto) die de camera's enigszins moet beschermen tegen al te enthousiaste Leeuwen maar ook tegen struikgewas. Aan deze ombouw kan ook een videaocamera bevestigd worden
  • bevestiging voor een statiefkop voor het fototoestel
En dat moet dan ook nog mee in het vliegtuig. De auto (met afstandbediening, lader, etc.) is zo groot dat deze een halve koffer in beslag neemt. 

Met hooggespannen verwachtingen ging de auto mee op game drives. Hij moest onder handbereik blijven voor het geval dat. Accu's opgeladen, afstandbediening mee, camera helemaal gemonteerd. Maar we kwamen geen Leeuwen tegen de eerste paar dagen. Totdat het op een middag tegen zonsondergang wél raak was. Camera's aan, auto op de grond gezet en rustig richting Leeuwen gereden. Wij hadden geen idee wat er zou gaan gebeuren, dus het was knap spannend. Het kan ook het einde van de auto met de camera's zijn!
Nieuwsgierige Leeuwin snuffelt aan auto
De Leeuwen reageerden voorzichtig maar nieuwsgierig. Uiteraard kennen ze iets dergelijks niet, dus er moest uitgezocht worden of het gevaarlijk, lekker of anderszins interessant was. Dat betekende dat de Leeuwen opstonden en naar de auto toe kwamen lopen. Als de auto dan stil bleef staan durfden ze heel dichtbij te komen, zoals hierboven zichtbaar. Zolang de auto reed, al was dat stapvoets, dan waren ze voorzichtiger. Een groot voordeel van een radiografisch bestuurbare auto is de mogelijkheid om te stoppen. Een drone biedt deze mogelijkheid natuurlijk niet en werkt meer verstorend.

3 nieuwsgierige Leeuwinnen bij de auto
De fotocamera op de auto was ingesteld om iedere seconde een opname te maken. Hij was voorzien van een 20 mm groothoeklens (f/2.8) die handmatig op ongeveer een meter was scherpgesteld. Diafragma werd geknepen naar f/11. De ISO moest hierdoor naar 1600, wat met de gebruikte camera (een Nikon D800E) geen probleem oplevert. Deze instellingen leveren een hyperfocaal beeld, waardoor feitelijk alles scherp in beeld komt, alleen niet als het te dichtbij komt. We hebben van tevoren zitten discussiëren wat de beste manier zou zijn om foto's te maken: automatisch of met een afstandsbediening. Uiteindelijk is het automatisch geworden omdat de afstandsbediening niet 100% betrouwbaar bleek. Idealiter heb je als fotograaf LiveView op afstand en bepaal je zelf wanneer je afdrukt, maar dit bleek te lastig. Nadeel leek dat de camera na 999 opnamen ermee ophoudt, maar dat is na ongeveer 16 minuten, dat is lang genoeg. De Leeuwen tonen, zo bleek, maar een paar minuten interesse.

Na een paar spannende momenten hebben we de auto teruggehaald. We hadden het idee dat er wel wat moois op zou moeten staan en het is ook wel fijn om de apparatuur heelhuids terug te zien. De resultaten waren enerzijds geweldig, anderzijds werden een aantal momenten ontsierd doordat er een bosje vlak voor de camera stond. We hadden in deze eerste keer alweer bijgeleerd, maar zouden we nog een kans krijgen?

En jawel, de volgende ochtend, bij beter licht, komen we een grotere groep Leeuwen tegen in een ander deel van het park. Op gepaste afstand de auto weer naar buiten, alles weer aangezet en nu kijken of het beter kan.

Tweede ontmoeting, steeds meer Leeuwen
Dit keer hebben we goed uitgekeken dat er niets vlak voor de lens stond. Omdat er meer Leeuwen waren, het licht beter was en het niet op de rand van een rivieroever zich afspeelde was het dit keer iets makkelijker.

Nog een close encounter
Los van de foto's die met de onboard camera gemaakt worden, biedt deze manier van werken nog een belangrijk voordeel: door de nieuwsgierigheid van de Leeuwen komen zij in beweging. En dat is fotografisch vele malen interessanter dan een rustende roedel.

Hier nog wat resultaten vanuit de 'grote' auto:



Deze foto's waren geen van allen mogelijk geweest zonder de aanwezigheid van een object dat de interesse van de Leeuwen wekt.

Maar waar het om ging zijn de opnames vanuit de radiografisch bestuurbare auto. Hieronder 3 mooie resultaten die anders niet mogelijk zijn:



En mijn favoriet:

De Leeuwen hebben de auto dus niet aangevallen en niets kapotgemaakt. Verder dan wat nieuwsgierig ruiken en met een poot op de auto ging het niet. Prettig als de apparatuur het avontuur overleefd. Ook heel  fijn is dat er resultaten behaald zijn. Dit zijn echt beelden die anders niet mogelijk zijn. 

Dit was spannend maar vooral ook leuk om te doen. Enige referentie die wij hadden was dat filmpje waar het niet goed afloopt met de auto. Dat vernieuwende aspect spreekt mij enorm aan en ik ben blij dat ik dit mee mocht maken. Wie weet waar dit toe leidt, wat is hiermee nog meer mogelijk?

Bedankt voor het lezen,

Robert van Brug